
Foto’s: ©Seraina Wams Fotografie

De presentaties tijdens de conferentie lieten zien dat de toekomst van fiets- en wandeltoerisme draait om betere spreiding van bezoekers, sterke samenwerking, slim gebruik van data en soms een meer regeneratieve benadering van toerisme.
Shanna Bussink (Rayu) liet zien dat het spreiden van bezoekers niet alleen een infrastructuurvraagstuk is, maar ook een psychologische uitdaging. Wandelaars kiezen vaak dezelfde bekende plekken door sociale media en verwachtingen. Haar oplossing? Hikeprofiler.com, een matchingsysteem op basis van persoonlijkheid dat wandelaars indeelt in vier profielen op basis van hun belangrijkste waarden en motivaties. Hierdoor kunnen bestemmingen routes gerichter positioneren en minder bekende paden aantrekkelijker maken.
Projecten in Brabant (de Wandelstarter) en Provincie Antwerpen tonen dat actief netwerkbeheer nodig is om drukte te spreiden. Dat kan door startpunten strategisch te organiseren, infrastructuur te verbeteren en soms zelfs routes te schrappen. De belangrijkste les: communicatie en samenwerking met lokale stakeholders zijn cruciaal.
Loek Luijbregts (Cycling Incubators) zoomde in op cases in Türkiye en benadrukte dat actief toerisme vooral groeit wanneer het wordt ingebed in lokale infrastructuur, landschap en voorzieningen. Het effect van tijdelijke marketingcampagnes en overheidsprojecten kan beperkt zijn. Als de budgetten op zijn, verdwijnen de initiatieven weer naar de achtergrond.
Bert Smit (Ginder) pleitte voor een verschuiving van toerisme als consumptie naar toerisme dat bijdraagt aan de versterking van natuur en lokale gemeenschappen: ofwel regeneratief toerisme. Authentieke lokale ervaringen blijken vaak belangrijker voor bezoekers dan klassieke bezienswaardigheden.
Het succes van het fietstoerisme in Frankrijk laat zien dat coördinatie tussen regio’s, overheid en bedrijven belangrijker kan zijn dan nieuwe infrastructuur, aldus Karine Dupuy (France Vélo Tourisme). Door gezamenlijke marketing, kwaliteitsstandaarden en gedeelde data ontstond daar een sterk nationaal netwerk.
Clare Dewey en Kate Norris (Epic Road Rides) gaven de deelnemers concrete handvatten om routes in minder bekende fietsbestemmingen onder de aandacht te brengen van het publiek.
Robin Ranjore (Eco-Counter) benadrukte het belang van betrouwbare bezoekersdata. Door tellingen ‘op de grond’ te combineren met ‘floating’ gps-data en data van smartphones kunnen bestemmingen bezoekersstromen beter begrijpen en sturen.
Rúben Jardao (ERA) sprak over het belang om jongeren meer te betrekken bij wandelorganisaties en de aandacht voor veiligheid op de wandeltrails.
Agathe Daudibon (ECF/EuroVelo) noemde de belangrijkste trends op het gebied van fietstoerisme in Europa, waaronder AI en digitale innovatie, het ontwikkelen van korte routes rond lange routes als EuroVelo, het dichten van de kloof aan betrouwbare data en strijd voor politieke erkenning.
Eric Nijland (Fietsplatform) presenteerde een aantal belangrijke cijfers over het Nederlandse fietstoerisme en liet de voor- en nadelen van een aantal meetmethoden de revue passeren.